Nieuws

Geo-informatie en regels omgevingsplan

Datum: 26-3-2018
Geschreven door: Jur van der Velde

Onlangs heeft Jur van der Velde een bijdrage mogen leveren aan de bijeenkomst van de Werkplaats Omgevingswet over het gebruik van geo-informatie nu en onder de Omgevingswet. Onderdeel van het programma was de wijze waarop geo-informatie gebruikt kan worden bij het opstellen van bestemmingsplannen met verruimde reikwijdte en omgevingsplannen.

Tijdens de bijeenkomst werd zijn gevoel bevestigd dat geo-informatie vaak nog een te kleine rol speelt bij het opstellen van de regels van het omgevingsplan. Geo-informatie wordt wel veel gebruikt bij het opstellen van het beleid en de toelichting, maar niet direct bij de regels. De regels zijn dan ook veelal niet optimaal afgestemd op de aanwezige geo-informatie. En dat terwijl de geo-informatie juist een bijdrage kan leveren aan het bereiken van de doelen van de Omgevingswet.

Zo kan (meer) geo-informatie volgens mij er bijvoorbeeld toe leiden dat er meer met globale regels gewerkt kan worden, omdat alle relevante informatie voor de te maken afwegingen aanwezig is. Ook kunnen er eerder gerichte regels worden gemaakt, zoals bijvoorbeeld voor detailhandel, omdat de vereiste onderbouwing kan worden opgesteld vanuit de geo-informatie. Geo-informatie maakt het ook mogelijk om meer activiteiten vergunningsvrij te maken. De geo-informatie geeft immers objectief en voor een ieder inzichtelijk aan of aan de vereisten van het vergunningsvrije wordt voldaan. Bovendien kan op basis van het inzicht dat geo-informatie geeft ook eerder de bevoegdheid tot het vaststellen van een deel van het omgevingsplan worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders.

De reden voor het weinig, of niet gebruiken van geo-informatie bij het opstellen van de regels is mogelijk gelegen in de afstand die er in de praktijk nog steeds is tussen de opstellers van het omgevingsplan en de geo-medewerkers. Deze laatsten worden vaak niet, of te laat, bij het opstellen van een omgevingsplan betrokken. En wellicht niet alleen bij het omgevingsplan, maar ook bij de implementatie van de Omgevingswet. Dit is jammer, omdat de geo-informatie juist hierbij een belangrijke rol speelt.

Wellicht speelt ook nog een ander aspect een rol. En dat is dat het moeilijk is los te komen van bestaande werkwijzen en patronen. Van uit het bestaande wordt bekeken of veranderingen wenselijk zijn. Bewust, maar veelal ook onbewust. Er worden geen nieuwe wegen ingeslagen. Bestaande wegen worden aangepast. Om de doelen van de Omgevingswet te halen, is het juist belangrijk om nieuwe wegen in te slaan. Dus om bijvoorbeeld bij het opstellen van de regels de geo-informatie, in combinatie met beleid, centraal te stellen en niet bestaande werkwijzen of formuleringen.  De kans is dan groot dat er andere regels tot stand komen. Deze zullen meer aansluiten bij het gedachtegoed van de Omgevingswet. En bij de vragenbomen van het Digitaal Stelsel Omgevingswet.

Een soortgelijk iets doet zich volgens mij mogelijk ook voor bij de Staalkaarten voor het omgevingsplan die in voorbereiding zijn. Wat Jur van der Velde hiervan heeft gezien, doet hem de vraag rijzen of er ook hier niet teveel vanuit het bestaande is gedacht. Het bestaande heeft hier betrekking op het werken vanuit de huidige en nieuwe regelgeving. Dit denkende leidt wellicht tot goede juridische regels, maar het is ten zeerste de vraag of het resultaat aansluit bij het maatschappelijk krachtenveld en bij de gedachte van Eenvoudig Beter. En in het verlengde hiervan of deze als goede voorbeelden of inspiratie gebruikt kunnen worden. Deze vragen hadden voorkomen kunnen worden indien niet, of in ieder geval minder, vanuit de huidige en nieuwe regelgeving was gedacht, maar meer vanuit de bedoeling van de Omgevingswet en het benutten van de kennis van andere werkvelden, zoals dat van de geo-informatie.

In eerdere bijdragen op van Jur van der Velde op LinkedIn refereerde hij naar het boek Verdraaide Organisaties van Wouter Hart. Hierin wordt een schets gegeven van de systeemwereld en de leefwereld en van het werken vanuit de bedoeling. Het hiervoor beschreven denken vanuit bestaande werkwijzen en vanuit de huidige regelgeving past mijn inziens bij de systeemwereld. Dus de wereld van regels, afspraken, protocollen en werkwijzen.  Zolang we echter de veranderingen alleen binnen de systeemwereld zoeken, is het moeilijk om tot veranderingen te komen. De echte winst is te halen door eerst buiten de systeemwereld te treden en de acties van de implementatie van de Omgevingswet te relateren aan de bedoeling. Hierdoor ontstaat ruimte voor verandering en voor het bereiken van de doelstellingen van de nieuwe wet. Deze veranderingen kunnen vervolgens in de systeemwereld worden ingebracht. De systeemwereld wordt dan ingericht vanuit de bedoeling. Dan worden er grote stappen gezet. De systeemwereld sluit dan aan bij de doelen van de wet.  Een systeemwereld zullen we altijd nodig hebben. Echter wel een systeemwereld die aansluit bij de bedoeling en die de professional ondersteunt en inspireert in de leefwereld.

Het vorenstaande betekent dat het gewenst is om bij het opstellen van regels niet te denken vanuit de huidige en nieuwe regelgeving en werkwijzen, maar vanuit hetgeen we met de Omgevingswet willen bereiken. Natuurlijk zullen de nieuwe regels van het omgevingsplan in overeenstemming moeten zijn met de Omgevingswet. Dit kan het wat minder eenvoudig maken dan het in eerste instantie lijkt. Maar de start is dan in ieder geval goed en het resultaat is ongetwijfeld een andere dan het werken vanuit de systeemwereld.

Wellicht levert deze wijze van werken ook nieuwe inzichten op die aan de wetgever kunnen worden meegegeven. Ook de wetgever is gebaat bij methoden, voorbeelden en ervaringen die daadwerkelijk op een andere wijze tot stand zijn gebracht. Voor de wetgever geldt hetzelfde als voor een gemeente. Alleen denken uit de systeemwereld leidt niet tot de gewenste regels. De bedoeling staat centraal.

Wat is nu de rol van geo-informatie in dit geheel. Ik denk dat geo-informatie ondersteuning biedt voor het denken vanuit de bedoeling en voor verandering. Het beschikken over geo-informatie leidt tot nieuwe inzichten, methoden, werkwijzen en regels. Geo-informatie levert een bijdrage aan het buiten de systeemwereld treden en daarmee aan het tot stand brengen van andere regels van het omgevingsplan. Regels die nauw aansluiten bij de doelen van de Omgevingswet.

Verslag bijeenkomst werken met geo-informatie

Donderdag 18 maart 2018

Locatie: Clubhuis Golfclub Sint Nicolaasga

Op donderdagochtend 15 maart 2018 heeft de Werkplaats Omgevingswet een bijeenkomst gehouden over het werken met geo-informatie. Centrale vraag tijdens de bijeenkomst was, wat gemeenten nu al kunnen doen om digitaal te werken en om goed voorbereid te zijn op de Omgevingswet. Hierbij stond niet het Digitaal Stelsel Omgevingswet centraal, maar de huidige praktijk en mogelijkheden.

Het programma bestond uit drie korte inleidingen met daarna ruimte voor het uitwisselen van informatie en het beantwoorden van vragen.

De eerste inleiding werd verzorgd door Hans Hainje en Alexander Melinga van MUG Ingenieursbureau. Beiden vertelden ze over de wijze waarop geo-informatie verzameld kan worden en toonden enkele voorbeelden hiervan.

Joske Poelstra van het bedrijf Rho ging daarna in op de rol die geo-informatie speelt bij de instrumenten van de Omgevingswet. Na een korte inleiding over de instrumenten, gaf zij aan op welke manier geo-informatie kan worden ingezet en wat dit voor de instrumenten betekent.

Uit de inleidingen kwam duidelijk naar voren dat geo-informatie een belangrijke sleutel voor succes is van de Omgevingswet is. Bij alle instrumenten en besluiten van de Omgevingswet is het belangrijk om over juiste en actuele informatie te beschikken. Ook werd duidelijk dat vanuit de geo-hoek het nodige moet gebeuren om dit te bereiken. De geo-medewerkers zijn over het algemeen te weinig betrokken bij de implementatie van de Omgevingswet. Andere afdelingen nemen vaak het voortouw en betrekken de geo-afdelingen daarbij niet of weinig.

Aart de Boon van Boonus-coaching gaf in zijn inleiding aan hoe geo-medewerkers dit kunnen veranderen. Hij schetste de gevolgen van het werken met geo-informatie onder de Omgevingswet en gaf aan over welke vaardigheden de medewerkers moeten beschikken en op welke wijze zij deze kunnen inzetten.

Medewerkers van de afdeling geo-informatie kunnen meer op de voorgrond treden dan dat zij nu doen. En in overleg met het management en de projectleiding van de implementatie van de Omgevingswet komen tot afspraken over hun inzet. Niet om eventuele knelpunten bij hen neer te leggen en zelf achterover te leunen, maar om gezamenlijk het belang van geo-informatie te benoemen en om in samenwerking met anderen te komen tot een betere integratie van geo-informatie in de implementatie.

Tijdens het interactieve deel na de pauze werd daarop nader ingegaan. Aan de hand van snelkookpan-vragen werden de deelnemers door Aart de Boon en Jur van der Velde van het bedrijf Interra gevraagd naar mogelijke knelpunten binnen hun organisatie. Deze knelpunten moesten ze  met elkaar bespreken en plenair benoemen. Ditzelfde geldt voor de oplossingen.  Vervolgens zijn knelpunten en oplossingen met elkaar besproken en zijn enkele acties benoemd die direct uitgevoerd kunnen worden.
Voorbeelden hiervan zijn het met elkaar in gesprek gaan, het beter ontsluiten van data, het faciliteren van collega’s, het tonen van goede voorbeelden, het aan de gang gaan met projecten, het benoemen van voorbeelden en het maken van inspirerende infographics. Veel deelnemers waren niet op de hoogte van het aanwezige Plan van Aanpak voor de Omgevingswet binnen hun gemeenten.  Voor de geo-medewerkers is het juist van belang om aansluiting te vinden bij het Plan van Aanpak, dus te worden meegenomen in de implementatie van de Omgevingswet.

Conclusie van de ochtend was dat geo-informatie een belangrijke rol speelt bij de implementatie en de uitvoering van de Omgevingswet. Gemeenten kunnen nu al veel doen en niet hoeven te wachten op het DSO. Ook was er geconcludeerd dat de rol van geo-medewerkers moet worden vergroot in de implementatie van de Omgevingswet. Los van de Omgevingswet kan er overigens al het één en ander gebeuren. Ook nu hebben we bijvoorbeeld bij het opstellen en het uitvoeren van een bestemmingsplan de nodige informatie nodig. Het verzamelen en gebruiken van geo-informatie is nu en straks van belang.